Trainer-coach 4 opleiding

Sinds het studiejaar 2013-2014 wordt er, in een samenwerking tussen sportbonden en onderwijsinstituten (Hogeschool van Amsterdam ALO en ROC Landstede Zwolle), een unieke opleiding aangeboden op niveau 4 van de KSS (Kwalificatiestructuur Sport).
 
Doel van de opleiding
De opleiding is voor trainer-coaches die de ambitie hebben om op het door de betreffende sportbond gevraagde niveau 4 te gaan fungeren: bijvoorbeeld als talentcoach of trainer-coach op het hoogste competitieniveau. Tevens biedt de opleiding de gelegenheid om van collega’s uit andere takken van sport te leren.
Binnen de opleiding wordt een trainer-coach 4 kwalificatie behaald eventueel in combinatie met opleider 4 kwalificatie (praktijkbegeleiding).
 
Leertrajecten
De opleiding bestaat uit de volgende leertrajecten (of kerntaken):
1. Geven van trainingen
2. Coachen bij wedstrijden
3. Ondersteunen van sporttechnisch beleid
4. Begeleiden van sportkader
5. Samenwerken met begeleidingsteam en onderhouden van externe contacten
6. Scouten van sporters
(zie ook Opzet/programma - Downloads)
 
Kosten
De deelnemersbijdrage voor de opleiding wordt vastgesteld door de sportbond. Het bedrag wordt opgebouwd op basis van het deelnemen aan de sportbrede workshops, de inzet van de leercoach(es) vanuit het onderwijs of de sportbond en de eventuele toegevoegde sportspecifieke workshops vanuit de sportbond. 
 
 Betrokken sportbonden zijn:

  • Badminton Nederland
  • Gehandicaptensport Nederland
  • Judo Bond Nederland
  • Koninklijke Nederlandse Algemene Schermbond
  • Koninklijke Nederlandse Gymnastiek Unie
  • Koninklijke Nederlandse Hippische Sportfederatie
  • Koninklijke Nederlandse Schaats Bond
  • Koninklijke Nederlandsche Wielren Unie
  • Nederlands Handbal Verbond
  • Nederlandse Basketball Bond
  • Nederlandse IJshockey Bond
  • Nederlandse Handboog Bond
  • Nederlandse Klim- en Bergsport Vereniging
  • Rugby Nederland
  • Nederlandse Ski Vereniging
  • Nederlandse Tafeltennis Bond
  • Nederlandse Triathlon Bond
  • Nevobo
  • Watersportverbond

  
Voor meer algemene informatie kunt u terecht bij Anita Thomassen: anita.thomassen@nocnsf.nl

Praktijkgericht
Een leertraject bestaat uit het werken en leren in de praktijk aan de hand van praktijkopdrachten in combinatie met ondersteunende workshops, literatuurstudie, e-learning e.d. In de praktijk wordt ook de vertaalslag gemaakt van de sporttak overstijgende opleiding naar sport specifieke context.
 
Workshops
Er zijn 23 sporttak overstijgende workshops. Deze workshops worden gevolgd op de onderwijsinstituten op vaste dagen in de week, afwisselend in blokken van 15.00 of 18.30 uur tot 21.30 uur. Er zijn in totaal 16 cursusdagen. Daarnaast kunnen door de eigen sportbond nog enkele sportspecifieke workshops worden toegevoegd aan de opleiding.
 
Proeven van bekwaamheid
De opleiding wordt afgerond met een proeve van bekwaamheid (PVB) voor elk leertraject. De beoordeling van de PVB’s en de daarbij behorende kwalificatie op niveau 4 valt onder verantwoordelijkheid van de sportbond. In de regel moeten alle PVB’s zijn afgelegd op uiterlijk 31 december (in het kalenderjaar volgend op het jaar van de start van de opleiding). 
De PVB's voor de trainer-coach en opleiderskwalificatie worden apart getoetst.
 
Studiebelasting
De totale studiebelasting bedraagt gemiddeld 350/400 uur.
Praktijk en uitvoering opdrachten: gemiddeld 40 weken x (6à7 uur)
Workshops: 80 uur
Intervisie: 15 uur
PVB’s: 5 uur
 
Downloads

  • Praktijkopdrachten TC4  (sporttak overstijgend)
  • Kwalificatieprofiel TC4  (sporttak overstijgend)
  • Toetsdocumenten TC4  (sporttak overstijgend) 

    Praktijkopdrachten, het kwalificatieprofiel en de toetsdocumenten worden inhoudelijk (indien nodig/wenselijk) per bond sportspecifiek gemaakt en bij aanvang van de opleiding uitgereikt aan de deelnemers.
    Het programma wordt jaarlijks qua planning en inhoud (waar nodig) aangepast/verbeterd, geheel buiten schoolvakanties om.

De opleiding start jaarlijks, na aanvang van het reguliere schooljaar, in september. Enkele voorwaarden daarbij zijn:

  • start van de opleiding is afhankelijk van minimaal 15 deelnemers per locatie;
  • het totaal aantal deelnemers bepaalt daarmee ook het mogelijke aantal locaties in het land;
  • inschrijven voor de opleiding gebeurt in overleg met en goedkeuring van de eigen sportbond;
  • de sportbond bepaalt de criteria voor de intakeprocedure en toelating voor de betreffende kandidaten voor de opleiding.

 
Voor meer specifieke informatie informeer bij de verantwoordelijke voor opleidingen/kaderontwikkeling binnen de sportbond.

Deel dit via: